28 januari 2015
28 januari 2015,
 0

De enkel
De enkel is het gewricht dat de verbinding vormt tussen de voet en het onderbeen. Om het gewricht heen zitten banden en een kapsel. Deze zorgen voor stevigheid en geleiden de bewegingen in het gewricht. Als u uw enkel verstuikt klapt uw voetzool naar binnen en uw enkel naar buiten. Daardoor komen de enkelbanden aan de buitenkant enorm onder spanning te staan.

Door een verstuiking kunt u verrekte enkelbanden hebben, maar ze kunnen ook zijn ingescheurd of afgescheurd. Verrekte enkelbanden worden vrijwel altijd door de huisarts behandeld. Bij gescheurde enkelbanden verwijst de huisarts u door naar de Spoedeisende Hulp. Na een verstuiking is de enkel meestal erg gezwollen en aan de buitenkant van de enkel is vaak een blauwe plek te zien. Deze kan zich uitstrekken tot het onderbeen.

Handelen bij verstuiking
Als de enkel verstuik is de eerste actie dus langs gaan bij de huis arts of de spoedeisende hulp. Bij gescheurde enkelbanden krijgt je altijd een spalk om uw enkel en onderbeen. Daarmee wordt de enkel in de goede stand gebracht, zodat de enkelbanden weer naar elkaar toe kunnen groeien.

Medicatie
Je krijgt een recept voor medicijnen tegen de pijn en een recept voor bloedverdunners. De bloedverdunners moeten voorkomen dat u trombose (bloedstolsels) krijgt, zolang je een spalk draagt of (na het verwijderen van de spalk) tape om het been heeft.

Rust

De eerste week is het erg belangrijk om de enkel rust te geven, zodat de zwelling kan afnemen. Als je zit, moet het been hoog liggen. Leg een kussen onder het onderbeen en houd je knie licht gebogen. Je mag alleen met krukken lopen. Deze krijgt je op de Spoedeisende Hulp.

Tapen
Na 5 tot 10 dagen heb je een controleafspraak bij de gipsverbandmeester. Tijdens dit controlebezoek wordt de spalk vervangen door tape. Tape bestaat in verschillende uitvoeringen. De gipsverbandmeester overlegt met welke soort tape in jouw geval geschikt is.
Het is ook mogelijk om een enkelbrace te krijgen. Deze heeft als voordeel dat je ’m er zelf af kunt halen op momenten dat je de brace niet wilt dragen. Een enkelbrace wordt echter niet vergoed door uw zorgverzekeraar.

Verder herstel
Als de tape of brace is verwijderd, duurt het zeker nog 6 weken voordat je de enkel weer redelijk goed kunt gebruiken. Je zult er weer aan moeten wennen om te lopen zonder steun. De enkel-banden zijn al wel aan elkaar gegroeid, maar de enkel is nog niet stevig en stabiel.
Meestal is de enkel ’s ochtends stijf en dun. Gedurende de dag wordt de enkel soepeler, maar vaak gaat de enkel in de loop van de middag opzwellen. De zwelling drukt dan op een aantal zenuwen, wat erg pijnlijk kan zijn. Dit patroon herhaalt zich iedere dag en pas na weken, soms zelfs pas na een paar maanden worden de klachten minder.
Houd er ook rekening mee dat de enkel iedere keer dat je deze extra belast, zal opzwellen en pijnlijk zal zijn.
Omdat het weken tot maanden kan duren voordat de enkel weer helemaal stabiel is, is het verstandig om in deze fase alleen op vlak terrein te lopen. Je kunt dus beter niet in het gras of in het zand lopen.

Meestal duurt het 3 maanden tot een half jaar, voordat de enkel pijnvrij is en je de enkel weer helemaal normaal kunt gebruiken.
• Soms is het nodig om tijdens de herstelperiode hulp van een fysiotherapeut of sportverzorger (masseur) in te roepen.
• Bij bepaalde (sport)activiteiten kan het nuttig zijn om een brace te dragen.
Er zijn verschillende soorten enkelbraces. Om te weten welke brace voor u geschikt is, kunt u advies vragen aan de gipsverbandmeester.

Oefenschema voor thuis na de tape behandeling
Nadat de enkel een aantal weken is ingetaped, is er vaak een lichte instabiliteit van de enkel. Gewoon lopen gaat meestal wel. Maar bij onverwachte bewegingen kunnen de spieren rond de enkel iets te laat reageren, waardoor men door de enkel kan gaan.
Deze oefeningen voor thuis, trainen de spieren rond de enkel. Zo leren ze weer snel en op de juiste manier reageren. Het is bij deze oefeningen van belang dat de voeten recht staan en dus niet naar binnen of buiten zijn gedraaid.
– De oefeningen dagelijks doen.
– De looptraining minimaal 1 x per week met ± 15 minuten beginnen.
– Voor en na de looptraining rekoefeningen doen.
Als de oefeningen en de looptraining zonder problemen gaan, kan overgegaan worden naar het volgende niveau.

Niveau I
Op blote voeten:
1. afwisselend op de hakken en tenen staan 10-25x
2. staan op één been zonder vasthouden ± 2 minuten lang
3. rekoefeningen voor de kuitspieren: rechtop staan, voeten naast elkaar, handen tegen de muur, knieën naar voren (richting muur), hak houdt contact met de grond, elk been 3-5x, 8 tellen rek aanhouden NIET VEREN
Looptraining:
Met sportschoenen op gelijk terrein: (bijv. sintelbaan, asfalt)
1. voorwaarts looppas
2. zijwaarts aansluitpas in looppas tempo, in 2 richtingen

Niveau II
op blote voeten:
1. op de binnenrand van de voeten lopen gedurende ± 50 passen
2. staan op 1 been zonder vasthouden ± 2-3 minuten lang
3. hetzelfde, maar dan met de ogen dicht
4. op 2 benen 15-20x huppen, 15-20 x spreidsprong (hakken op de grond laten komen)
5. rekoefeningen van niveau I doen.
Looptraining:
Met sportschoenen op gelijk terrein:
1. hardlopen
2. zijwaarts aansluitpas in hoog tempo, in 2 richtingen
Met sportschoenen op ongelijk terrein: (bijv. gras)
1. hardlopen
2. zijwaarts aansluitpas in looppas tempo in 2 richtingen

Niveau III
Op blote voeten:
1. met 1 been 20x op tenen gaan staan
2. een vierkantje springen links- en rechtsom (op één been)
3. 20x op tenen springen (op één been)
4. rekoefeningen van niveau I doen
Looptraining:
Met sportschoenen op gelijk terrein:
1. voorwaarts huppelen
2. zijwaarts – aansluitpas in 2 richtingen
– kruispas voor / achterlangs in 2 richtingen
– schaatspas
Met sportschoenen op ongelijk terrein:
1. voorwaarts looppas – afwisselen met hardlopen (sprinten)
2. zijwaarts – aansluitpas in 2 richtingen
– kruispas voor / achterlangs in 2 richtingen
Hervatting wedstrijdsport
Voordat men weer aan wedstrijden gaat deelnemen, is het verstandig de sportspecifieke beweging en de baltraining op een rustig niveau te oefenen. De trainer kan u hierbij begeleiden.

Bron: Wilhelmina ziekenhuis Assen en nijsmellinghe ziekenhuis Drachten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *